Nederlandse industrie haakt eindelijk aan bij robotrevolutie

Robotselectie Deel-2

Nederlandse industrie haakt eindelijk aan bij robotrevolutie, vooral dankzij onze voedingsindustrie

‘Nederland moet dringend investeren in een ambitieuze maar tegelijk ook praktische robotagenda.’ Die oproep deed een groep van twintig wetenschappers begin dit jaar in een open brief. Alle scholieren, studenten en werknemers moeten zich voorbereiden op de gevolgen en mogelijkheden van een robotrevolutie, vonden de wetenschappers.

Freelancende economen dus ook, dacht ik na het lezen van de brief. En daarom staan er sinds kort twee kleine robots op mijn kantoortje, beide aangeschaft door ze zelf mee te financieren via een crowdfundsite. Hoe hip wil je het hebben?

De ene robot heet Alpha2, en is van het type ‘mannetje’. Het is een in wit en rood plastic uitgevoerde pop die kan luisteren, praten, zingen, dansen, lopen, vallen en weer opstaan. Hij heeft wifi, bluetooth 4.0, draait op Android en je hebt er helemaal niets aan. Ik doe hier geen productbespreking, maar wie een dag met Alpha2 optrekt, maakt zich opeens veel minder zorgen dat de robot onze banen inpikt.

Mijn andere robot is juist een positieve verrassing. Deze heet uArm Swift en is van het type lasrobot, u weet wel, zo’n eenarmige robot uit de auto-industrie. Lassen kan hij niet, maar wel dingen oppakken en wegleggen met zijn zuignap of grijphand, 3D-printen dankzij een speciale kop en zelfs hout graveren met een laser. Makkelijk te programmeren en flexibel inzetbaar.

De nuttige robot is dus geen mechanische man die de was doet en de kinderen naar bed brengt, maar een programmeerbare arm die repeterende arbeid verricht. Zo staan de zaken er op dit moment in elk geval voor. Bij mij op kantoor, maar zeker ook in uw bedrijf. De robot is nog lang geen goede dienstverlener, maar wel al meer een bruikbare productiekracht.

Daarom vindt de robotrevolutie nog altijd voornamelijk plaats op de fabrieksvloer, waar de robot laagwaardig, zwaar en repetitief werk van de mens overneemt. Deze industriële robots worden al slimmer, nauwkeuriger en voorzichtiger, dus hun toepasbaarheid neemt snel toe. Tot niet zo lang geleden stonden robots vooral in de autofabrieken, daarna volgde de productie van elektronica en sinds kort gaat het hard in de voedingsmiddelenindustrie. In die laatste sector moet schoon en voorzichtig worden gewerkt en de nieuwe robots kunnen dat al beter.

Misschien was het door deze volgorde van sectoren dat Nederland tot nu niet bepaald haantje de voorste was bij de robotisering. We hebben nu eenmaal geen grote auto- of elektronica-industrie. In landen als Duitsland, Japan en Zuid-Korea werd veel meer in robots geïnvesteerd. Maar we hebben wel een grote voedingsindustrie, dus als die nu aan de beurt is, moet Nederland aan de bak.

Het goede nieuws: dat doen we ook. Deze week verscheen het jaarlijkse robotrapport van de International Federation of Robotics (IFR), de brancheorganisatie van robotproducenten, met cijfers voor 2016. Daaruit blijkt dat bedrijven in de Nederlandse industrie vorig jaar 1778 nieuwe robots aanschaften. Dat is 20% meer dan een jaar eerder en het hoogste aantal ooit. De IFR schat dat er nu ruim 11.000 robots op Nederlandse fabrieksvloeren staan, bijna een verdubbeling in tien jaar tijd.

De snelle stijging in 2016 komt vooral door de voedingsindustrie. Daar gingen vorig jaar 429 nieuwe robots aan het werk. Een jaar eerder was dat nog minder dan de helft. Het aantal nieuwe robots in de voedingsindustrie was zelfs groter dan dat in de automotivesector. Auto-producenten en toeleveranciers waren tot 2016 altijd de grootste afnemers van robots, maar met 424 nieuwe robots moest deze sector de voedingsindustrie voor het eerst voor laten gaan.

Nu de robot het tomaatje niet meer stukknijpt, het koekje niet kraakt en ook geen smeerolie over de lopende band morst, kan Nederland er eindelijk vol in gaan investeren. In 2013 hadden wij per 10.000 werknemers in de industrie nog geen honderd robots staan. Inmiddels is dat volgens de IFR gestegen naar 155 robots per 10.000 werknemers.

Bron: Financieel Dagblad

VSE

Advertisment ad adsense adlogger