De opmars van mobiele robotica op de fabrieksvloer

De industriële robotsector maakt een sterke groei door nu fabrikanten steeds meer automatiseren. Volgens onderzoeksbureau ABI Research zullen de inkomsten van robots in de maakindustrie stijgen van 166 miljoen dollar in 2018 tot 22 miljard dollar in 2027. Een nieuwe trend hierbij is de opmars van mobiele robottechnologieën. We hebben het dan over zowel guided (AGV’s) als autonome mobiele systemen (AMR’s), als aanvulling op bestaande robotarmen in fabrieken die steeds autonomer en slimmer worden.

Binnen de industrie is er veel discussie geweest over de verschillende voordelen van AGV’s en AMR’s. Terwijl AGV’s een veel goedkopere voorloper van AMR’s zijn, hebben ze vloermarkers of inductieve systemen nodig voor het sturen van hun beweging. Ze zijn daarmee vooral geschikt voor greenfield toepassingen. Voor degenen die juist een infrastructuurvrije navigatie en flexibele logistiek willen, worden AMR’s de standaard. Seegrid en MiR zijn de twee toonaangevende voorbeelden van AMR-systemen voor de productievloer. Fabrikanten profiteren van dergelijke oplossingen, omdat ze producten en productiemodellen binnen of tussen de fabrieken automatisch kunnen verplaatsen. Hierdoor worden werkprocessen geoptimaliseerd – onder andere door koppelingen met ERP en WMS-systemen – blijven risico’s op de werkplek tot een minimum beperkt en komen waardevolle personele middelen vrij.

“De vooruitgang in machinevision, simultane lokalisatie en mapping (SLAM), zwermintelligentie en sensorfusie maken het voor mobiele robots mogelijk om in ongestructureerde omgevingen zoals fabrieksmagazijnen en assemblageplekken te werken”, aldus Lian Jye Su, hoofdanalist bij ABI Research. “Deze technologieën worden ondersteund door vele camera’s en sensoren, zoals LiDAR en radar. In de toekomst kan de robot profiteren van de integratie van diepe learning algoritmes met sensorfusie en zwermintelligentie. Bovendien zullen naarmate fabrieken een digitale transformatie ondergaan, meer fabrieken slimme productieplatforms gaan gebruiken. Met deze ontwikkeling wordt de waardepropositie van cloud-robotica steeds relevanter. Toch zijn er nog steeds veel uitdagingen met betrekking tot de adoptie en inzet van cloud-robotica. Gegevensbeveiliging, gegevensanalyse en cloudrekenkracht moeten beschikbaar zijn voordat een robot op een industrieel cloudplatform kan worden aangesloten.”

Naarmate de robottechnologieën zich verder ontwikkelen, richten verschillende leveranciers zich op het ontwikkelen ecosystemen. Zo heeft Universal Robots, ‘s werelds grootste cobotleverancier, zijn eigen ecosysteem, UR+ genaamd. Hierin bevinden zich meer dan 50 partners met grijpers, accessoires en software. Dit wordt nog versterkt door de overname van MiR door Teradyne, het moederbedrijf van Universal Robots, in april 2018. Teradyne is momenteel eigenaar van zowel een cobot- als AMR-technologie en biedt met hun ecosysteem een end-to-end oplossing voor fabrikanten.

“Het omarmen van samenwerkende robots, AGV’s en AMR’s door de maakindustrie geeft aan dat fabrikanten ook veelzijdigheid en modulariteit omarmen. Het toenemende aantal voorraadhoudende eenheden (SKU’s) en de korte productlevenscycli vereisen de inzet van robotoplossingen die kunnen worden omgeschoold en opnieuw kunnen worden ingezet voor verschillende productieprocessen en fabriekslayouts”, concludeerde Su.

De bevindingen zijn afkomstig uit het ABI Research’s Industrial Robots Market Update rapport.

Advertisment ad adsense adlogger