Willem Vermeend over smart industrie (opinie)

Willem Vermeend

Willem Vermeend staat positief tegenover smart industrie

Opinie zoals geplaatst op 9 december in de Volkskrant

Hoger- en lager opgeleiden treffen elkaar bijna nergens. En is Hans Spekman de aangewezen persoon om de PvdA weer een rood smoelwerk te geven? Vandaag in onze dagelijkse rubriek Nieuwsbreak, voormalig staatssecretaris van Financiën en oud-minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid Willem Vermeend (PvdA).

Hoger- en lager opgeleiden treffen elkaar bijna nergens, zegt het Sociaal en Cultureel Planbureau. Geldt dat ook voor u?

'Ik loop al vanaf mijn vierde jaar op het voetbalveld rond, daar kom ik alle lagen van de bevolking tegen.'

U voetbalt nog steeds?

'Ja, ik speel nu in de avondcompetitie, in de voorhoede. Dat hoger- en lager opgeleiden in gescheiden werelden leven, is van alle tijden. Het is nooit anders geweest.'

Vroeger ging heel Nederland naar de kerk waar alle lagen van de bevolking samenkwamen, dat is niet meer zo.

'Klopt, maar sportclubs hebben die rol overgenomen. Tennis trok vroeger een ander publiek, net als hockey. Nu zijn die sporten niet meer alleen voor de elite.'

Dat hoger- en lager opgeleiden elkaar nauwelijks tegenkomen zorgt niet voor spanningen. Tussen andere groepen ervaren Nederlanders dat wel. Bijvoorbeeld tussen arm en rijk.

'Ja, dat de meerderheid van de Nederlanders de verschillen tussen inkomens te groot vindt, is ook al zo oud als de weg naar Rome. Maar als je het vanuit internationaal perspectief bekijkt, is Nederland één van de meest egalitaire landen ter wereld. Wij zijn heel gelijk.'

Ons gevoel klopt niet?

'Het gevoel klopt wel, maar als je internationaal kijkt kan het bijna niet gelijkmatiger. Dat mag ook wel eens worden benadrukt.'

Vandaag staat een groot profiel van Hans Spekman in de Volkskrant. Is hij de aangewezen persoon om de PvdA weer een rood smoelwerk te geven?

'Ik was een groot voorstander van Spekman als voorzitter van de Partij van de Arbeid. Toen ik minister van Sociale Zaken was, vond ik hem een van de beste wethouders van Nederland. Gedreven, pragmatisch en hij deed er alles aan om mensen uit de bijstand te halen.'

Maar nu?

'Nu vind ik zijn plan om als PvdA'ers de buurten in te gaan, niet de juiste reactie op slechte peilingen. Ik heb eergisteren met Rick van de Ploeg, mijn oud-collega uit het kabinet Kok II, een column geschreven over een andere aanpak. Mensen zitten helemaal niet te wachten op politici die rondhangen op straat. In mijn tijd moesten we dat ook wel eens doen, maar dan kreeg ik als antwoord: 'Wat doet u hier? Waarom bent u niet hard aan het werk in Den Haag?''

Wat moet er dan gebeuren om de PvdA van de ondergang te redden?

'Simpel, je moet voor je beleid staan. Niet vlak voor de Statenverkiezingen afstand gaan nemen van maatregelen die je hebt genomen of van je coalitiepartner. Niet gaan draaien, daar houden mensen niet van. Je hebt dat beleid afgesproken, dat verdedig je. En als het fout is geweest, herstel je het.'

Was het fout beleid?

'Nee, toen dit kabinet aantrad, was Nederland in verval met een economische groei van 0 procent, en een begrotingstekort van 4 procent. We waren het slechtste jongetje van de Europese klas. Nu hoort Nederland weer tot de sterkste economieën van Europa. De economie groeit, het bedrijfsleven doet het goed, we gaan naar een tekort van maar 2 procent. Het kabinet moet dus zeggen: we hebben pijnlijke maatregelen moeten nemen, maar we komen eruit.'

En wat moet de PvdA doen?

'De PvdA moet terug naar haar eigen profiel. De partij die voor duurzame economische groei en werk staat, die samen met de coalitiepartner succesvol de werkloosheid terugdringt. De partij die pal staat voor een goed stelsel van sociale zekerheid en een eerlijke verdeling van welvaart. Maar geen partij die opeens een ander standpunt inneemt over schaliegas of die in strijd met het regeerakkoord zich profileert op het terrein van vreemdelingen- en asielbeleid. Als je afspraken maakt, hou je je daaraan en laat dat beleidsthema vooral aan anderen over.'

Voor partijvoorzitter Spekman geldt: Rood tot de dood. Voor u ook?

'Nee, dat is aan mij niet besteed. Ik kom uit een ondernemersgezin. Mijn vader had een houtbewerkingsbedrijf. Ik heb van hem leren timmeren, zagen en lakken. Dat ik lid werd van de PvdA, vond hij niks, hij was van de KVP. Ik ben zelf ook altijd blijven ondernemen, onder meer van een bromfietsreparatiebedrijfje in mijn studententijd, een bedrijfsadviesbureau tot mijn huidige internetonderneming.'

U bent nog wel socialist?

'Ja, ik ben ruim 35 jaar lid van de PvdA, maar ik behoor tot de rechtervleugel. Ik ben een sociaal-liberaal.'

Net als minister Asscher.

'Dat weet ik niet, daar heb ik hem nooit over gesproken.'

Hij is toch uw opvolger als minister van Sociale Zaken en van dezelfde partij? Spreken jullie elkaar dan nooit?

'O, jawel. Ik ga binnenkort een kopje koffie met hem drinken om te praten over robottechnologie. We moeten investeren in nieuwe technologie. In combinatie met digitalisering kunnen we in ons land een smart industry opbouwen. Dat is straks de groeimotor van onze economie en de nieuwe banenmachine. Bij de discussie over robots wordt vaak vergeten dat we met deze technologie de productie kunnen verhogen en robots ongezond, vuil en saai werk kunnen overnemen. In het verleden hebben we veel van dit werk ge-outsourced naar het buitenland, dat halen we met robottechnologie weer terug en dat zorgt in Nederland voor extra werkgelegenheid.'

Wat houdt smart-industry precies in?

Kort door de bocht gezegd gaat het om een slimme maakindustrie die gekenmerkt wordt door een optimale toepassing van het internet met nieuwe technologie, zoals 3d-printen, het internet of things, big data, robottechnologie, waarin ondernemingen nauw samenwerken. Als je een leuke, creatieve baan wilt hebben waar je ook nog goed mee kunt verdienen, richt je dan op de smart-industry. Zorg dat je een opleiding volgt die daarop inspeelt en laat je omscholen als je moeilijk werk kunt vinden.'

U ziet de toekomst zonnig tegemoet?

'Jazeker. De komende twintig jaar zal onze economie meer veranderen dan in de afgelopen vijftig jaar. We staan aan de vooravond van Economie 4.0. De onlinewereld neemt toe met de snelheid van het licht en nieuwe technologie verovert de wereld. Smart industry wordt de basis van de nieuwe economie. Nederland moet hierin voorop lopen.'