Standaardisatie

Willem van der Bijl

Een aantal jaren geleden kocht ik, op advies van mijn toenmalige redactiecollega, het boek ‘de maat van alle dingen’ van Ken Alder. Tijdens mijn vakantie heb ik het weer eens opgepakt, omdat het onderwerp me altijd geboeid heeft. Het boek is een documentarische roman over de vastlegging van één unieke referentie voor de wereld. Documentarisch omdat het een nauwkeurig verslag is van de vele stappen die genomen zijn om de universele meter vast te leggen. Roman omdat de lezer mee wordt genomen in het leven van de betrokken personages en de moeilijke omstandigheden waarin zij zich in de zevenjarige zoektocht hebben moeten begeven.

Een Frans wetenschappelijk instituut had in het midden van de achttiende eeuw de behoefte om een standaard te creëren, zodat de uitwisseling van goederen eenduidiger en eerlijker zou worden. Deze gedachte werd gesteund door de Franse koning, mede omdat ook het wereldwijde belang ervan ingezien werd. Elk dorp had wel een eigen maatvoering, wat natuurlijk voor het ene dorp prima was, maar zodra goederen met andere dorpen werden uitgewisseld kwam één van de twee partijen er altijd bekaaid vanaf. Er was dus behoefte aan één maat, maar die moest dan wel volledig onafhankelijk zijn van land, rang of stand om daarmee acceptabel te zijn voor iedereen. Maar wat is onafhankelijk. Het liep tegen de Franse Revolutie waarin het streven naar vrijheid, gelijkheid en broederschap hoog in het vaandel stond.

Er werd gekozen voor de aarde als referentie. Een prachtige keuze, die is van iedereen en is voor iedereen gelijk. Meet de omtrek van de aarde, deel die lengte door 40 miljoen en je hebt een handelbaar stukje lengte, de meter. Zo eenvoudig als gesteld, zo moeilijk om uit te voeren. Er is besloten om een kwart van de aarde, over een meridiaan van noordpool tot evenaar, zo nauwkeurig (als toen) mogelijk op te meten en het resultaat te delen door 10 miljoen. Enkele Franse geodeten en landmeters zijn aan de slag gegaan en startten in 1789 om de Noord-Zuid lijn, die loopt van Duinkerken, over Parijs naar Barcelona, met driehoeksmeting op te meten. Net aan het begin van de Revolutie. Een interessant boek.

Het is een voortdurend vraagstuk. Eenduidige afspraken maken over de uitwisseling van dingen. Het bedenken van de oplossing is vaak niet zo moeilijk, maar het verkrijgen van overeenstemming met de belanghebbenden is altijd lastig. Denk aan de uitwisseling van data over de digitale snelweg. Technisch is het al een uitdaging om overeenstemming te krijgen over de fysieke laag, de pluggen, kabels, stekers, signaalvormen, snelheid, modulatievorm enzovoorts. Maar naarmate je dichterbij de softwareapplicatie komt, moet de ‘vertaling’ van de bits en bytes naar de gebruiker ook eenduidig zijn. Binnen één taal zijn er al veel woorden met verschillende betekenissen, en wat blijft er dan over ná vertaling in een andere taal. In de ‘normenvak’, bijvoorbeeld bij IEC, wordt al veel aandacht besteed aan afspraken over terminologie; de betekenis en definitie van woorden. En bij mijn weten is afspraak om dat in het Engels vast te leggen, maar de Chinezen hebben ook grote behoefte om zich hierbij aan te sluiten. Maar wat is dan de waarheid, de Chinese of Engelse versie. Digitaal is de wereld heel klein en de behoefte aan uitwisseling heel groot. Wederom een enorme taak tot standaardisatie wat we ons in mijn beleving nog steeds te weinig realiseren. Denk nog even terug aan de maat van alle dingen in 1789, en aan Huygens medio 1600, en Mercator medio 1500.