Next step in digitale transitie maakindustrie

Uwe Vieth

De digitale transformatie in de maakindustrie is weliswaar al langere tijd bezig, maar het wordt zaak dat dit naar een hoger niveau wordt getild. Maar hoe krijg je dit voor elkaar? De nieuwe visie op productie gaat uit van één platform voor alle afdelingen. 

De laatste jaren heeft er in de maakindustrie een verschuiving naar digitalisering plaatsgevonden. Maar veel producenten zijn nog steeds afhankelijk van handmatige of papiergedreven processen, waardoor menselijke fouten nog altijd voor flinke vertragingen kunnen zorgen. Ook bestaat er nog altijd een afstand tussen IT en productie, mede veroorzaakt (en vergroot) door legacy infrastructuur en complexe operations.

De coronapandemie heeft voor verdere inefficiëntie gezorgd. Door de veranderingen in de supply chain, een verminderde vraag en voorzichtige consumenten is het van belang dat de maakindustrie haar operations opnieuw beoordeelt en haar klantinteractie opnieuw onder de loep neemt. 2021 zal een jaar van herstel en groei moeten worden. Om dit voor elkaar te krijgen moet de maakindustrie op zoek gaan naar nieuwe mogelijkheden om flexibeler te worden en klanten enthousiast te maken.

Drempels voor overstap

Productieactiviteiten gaan steeds sneller en worden steeds geavanceerder. En toch zijn veel fabrikanten nog steeds afhankelijk van in eigen huis gebouwde, verouderde bedrijfssystemen – die vaak op verschillende systemen draaien en verspreid zijn over verschillende afdelingen. Hierdoor zijn organisaties niet alleen inefficiënt, maar ook slecht toegerust om aan de eisen van de moderne productie te voldoen. Het maakt het ook moeilijker en kostbaarder om te schalen en biedt tegelijkertijd maar beperkt overzicht.

Bovendien bieden deze systemen niet de ervaring die klanten verwachten. Of ze zich nou richten op een B2B- of B2C-publiek; het uiteindelijke doel van fabrikanten is altijd geweest om klanten tevreden te houden. Maar in een post-Covid klimaat berust dat doel niet langer alleen op goede producten, maar ook op goede diensten. Klantenservice is nu de belangrijkste onderscheidende factor tussen bedrijven, en hoe een bedrijf de klantervaring benadert – en dan vooral problemen en klachten – bepaalt of die klanten terugkomen.

Naast externe druk om te transformeren, zijn er ook interne eisen om nieuwe inkomsten te genereren en marges te vergroten. Omdat sommige fabrikanten echter vaak veel in bestaande apparatuur en systemen hebben geïnvesteerd, zijn ze terughoudend om te onderzoeken hoe ze zouden kunnen verbeteren of innoveren.

De uitdaging aangaan

Wat de productie nodig heeft om deze uitdagingen het hoofd te bieden, is een alomvattend, bedrijfsbreed digitaal transformatieproces dat voortbouwt op bestaande systemen en apparatuur en deze integreert in plaats van te vervangen.

Fabrikanten moeten hun systemen verbinden en workflows digitaliseren via één strategisch platform – en er vol voor gaan. Het introduceren van een nieuw systeem is één ding, maar om het te laten werken, moet er een nieuwe visie op productie komen met één platform dat alle afdelingen omvat, niet alleen IT.

‘Consolideren naar één platform levert ook een betere ROI op’

De hele organisatie moet het platform zien als een agile tool, die operaties ondersteunt en een open communicatie tussen teams mogelijk maakt. Door deze aanpak kunnen producten sneller op de markt komen, wat een positieve indruk bij klanten achterlaat.

Consolideren naar één platform levert ook een betere ROI op. Als fabrikanten één weergave en één architectuur kunnen gebruiken om problemen te voorspellen en te voorkomen, zijn ze automatisch wendbaarder dan concurrenten die alleen reageren op problemen. En als er een fout wordt gemaakt, maakt een holistische kijk op de hele operatie van een bedrijf het eenvoudiger om na te gaan wat er mis is gegaan, waarom en hoe dit gecorrigeerd kan worden.

Die snelle reactie bespaart tijd, geld en materialen, waardoor organisaties deze besparingen in R&D kunnen investeren en creatieve nieuwe oplossingen kunnen bouwen. Bovendien kunnen fabrikanten met toezicht van bovenaf gegevens en analyses onderzoeken om verborgen patronen, inefficiënties, klanttrends en andere belangrijke informatie te ontdekken. Alle afdelingen hebben toegang tot gegevens en kunnen communiceren via het platform. Van planning tot productie, het resultaat is een naadloze, snellere workflow bij elke stap.

Ten slotte stelt één platform fabrikanten in staat zich te concentreren op de dienstverlening die gekoppeld is aan hun producten. Bijvoorbeeld door end-to-end-diensten en -ondersteuning te bieden, waardoor de behoefte aan aanvullende producten of infrastructuur van derden wordt verminderd.

De realtime gegevens die fabrikanten vastleggen via apparatuur die al in gebruik is bij de klant kunnen ingezet worden voor monitoring en bijvoorbeeld het proactief leveren van reserveonderdelen. Het eindresultaat is een betere klantervaring en proactieve fabrikanten die potentiële productstoringen kunnen verhelpen door de juiste service op het juiste moment mogelijk te maken.

Sleutel tot digitale transformatie

Fabrikanten hebben op zijn zachtst gezegd een uitdagend jaar achter de rug. Maar door hun systemen en infrastructuur opnieuw te beoordelen, is er volop gelegenheid om eventuele verliezen van het afgelopen jaar goed te maken en daarnaast nieuwe inkomstenstromen te creëren.

Een gestroomlijnde, uniforme oplossing verbindt mensen, functies en systemen naadloos op één plek. Voor fabrikanten zorgt dat voor meer zichtbaarheid en betere efficiëntie, terwijl het tegelijkertijd meer waarde toevoegt aan individuele services. Met één weergave van voorheen afzonderlijke datasets, biedt één productarchitectuur een duidelijk beeld van de situatie ter plaatse, waardoor fabrikanten flexibel kunnen blijven en problemen kunnen aanpakken voordat ze zich voordoen.

Uwe Vieth is automotive and manufacturing sales director bij ServiceNow